Hoofdmenu
    Hoofdpagina
    Gedichten
    Auteurs
    Zoeken
    Reacties
    Insturen
    Voorwaarden
    Greencard
    Contact

  Inloggen
 

  Registreren
  Wachtwoord vergeten

  Laatste 35 reacties
 
re: Tussen m...Diddy
re: Kerst An...evamaria
re: Kijk nie...Diddy
re: geluktDiddy
re: koortsDiddy
re: koortscoolbur...
re: Le Clo-c...Claudel...
re: Le Clo-c...coolbur...
re: ROMEcoolbur...
re: ROMEcoolbur...
re: geluktcoolbur...
re: geluktDiddy
re: geluktMarcel
re: ROMEDiddy
re: De gordi...Diddy
re: Zo doen ...Marcel
ErikMarcel
hannyMarcel
re: De gordi...Hanny v...
re: koortsHanny v...
Kerst Anno NuHanny v...
re: Kerst An...Hanny v...
re: De gordi...Erik Le...
re: koortsErik Le...
re: Le Clo-c...Erik Le...
re: Kerst An...Erik Le...
re: bokkemanDiddy
re: bokkemanClaudel...
re: De gordi...Marcel
re: De gordi...DiotheC...
re: De gordi...Claudel...
re: De gordi...Marcel
re: De gordi...Diddy
re: Kerst An...evamaria
re: profetieDiddy
 Meer reacties

  Laatste 25 gedichten
 
Tussen mensencoolbur...
nog, als roz...Diddy
Kijk niet zocoolbur...
geluktDiddy
ROMEErik Le...
Le Clo-cloch...Claudel...
koortsDiddy
profetieDiddy
Zonnige tochtDiddy
Kerst Anno NuHanny v...
Les petits d...Claudel...
De gordijnen...Marcel
Erik trekt e...Erik Le...
warme kerstthomas ...
LilliputtersClaudel...
bokkemanDiddy
het komt wel...DiotheC...
terugDiddy
Het rad van ...Stanislaus
UitgeraasdMarcel
alles maal nietErik Le...
MussenprotestHanny v...
Oké bedankt...Diddy
op het nacht...Diddy
pure liefde;...DiotheC...
 Meer gedichten
De houtsnijder
 coolburnvisible - 00:06 08-06-2011 Stuur e-mail  Profiel bekijken van coolburnvisible  Bekijk statistieken van dit gedicht 

Er was eens een man die weet ik wel niet hoe oud was. En in feite wist niemand dat. Zelfs hij zelf was in de loop der jaren de tel kwijt geraakt. En ook met een geboortejaar was zijn leeftijd niet na te gaan, want ook daar was weinig over bekend in het dorp waarin hij woonde. Zo lang de mensen hem kende was hij er al en leek hij er ook nog heel lang te blijven. De mensen hadden daar vrede mee.
Soms vroeg er nog wel eens iemand hoe oud hij was of moest hij op een gewichtig formulier zijn leeftijd invullen. Dan antwoordde hij iets van 33, of 40 of zoals n keer 69, maar daar had hij toch echt niet naar uit gezien! Iedereen accepteerde dat van hem. Daar hoef je toch niet zo'n ophef over te maken, vonden ze. Een glimlach, een schouder ophaal en het leven ging verder. Een leven dat wel even wat anders eiste dan stil te staan bij een gewone, simpele houtsnijder in een allerdaags, klein boerendorp, die toevallig zijn leeftijd niet wist. Sommige mensen in dat dorp wisten niet eens hun echte naam, die verloren was gegaan na veelvuldig gebruik van een bijnaam. Dat was zoveel komischer of schokkender, zeker als die mensen zo'n bijnaam waren ontgroeid.
Nee, dat vonden die dorpelingen niet zo vreemd aan deze man. Vreemder vonden ze dat hij altijd zo alleen was. Niet dat hij het daar zelf naar maakte. Dat viel wel mee. Altijd had hij een vriendelijk woord of een goed advies over voor een klant en het enige probleem met zijn houtsnijwerk was dat het nog wel eens wat laat klaar was. Daar kon je met hem niet zo goed afspraken over maken. Hij had zo zijn eigen levensritme en tijdsbesef. Wat hij uiteindelijk maakte was wel altijd de moeite waard. Zijn ene werk leek nog mooier dan het andere.
Zo maakte hij simpele, handige stoelen en tafels voor kleine boerengezinnen van vlak buiten het dorp tot een rijk versierd altaar voor de pastor. Op het eerste gezicht niet meer dan normaal. Maar keek je beter, dan zag je vakmanschap, waar je je ogen niet vanaf kon houden. Elke keer ontdekte je weer een nieuwe lijn of een golf in het hout, die zo soepel overliep in een andere, dat het nooit irriteerde en altijd weer fascineerde.
Ook wat het hout uitstraalde was bijzonder. Moest het bruikbaar en degelijk zijn, leek het onverwoestbaar en van het zwaarste hout, terwijl het toch van dat zelfde goedkope stukje hout was gemaakt dat door de klanten zelf aan de houtsnijder was aangeleverd. En moest het geen werkbank, maar iets sierlijks en vormafhankelijk zijn, zoals bijvoorbeeld een instrument, dan kreeg het hout een vrouwelijke uitstraling, waardoor je het wilde liefhebben en bespelen als was het de koningsdochter zelf.
Over de koningsdochter gesproken, haar vader, de koning van het land waarvan het dorp onderdeel uitmaakte, was - zoals een echte vorst betaamt - niet geheel ongevoelig voor schoonheid. Ook hij kreeg de kunstwerken van de houtsnijder op een gegeven moment onder ogen en beval hem onmiddellijk naar zijn hof af te reizen.
Het had enige ophef in het dorp gegeven. Onze houtsnijder naar de koning? Dat was lachen, dat was een giller! Zo bijzonder was hij immers niet. Inderdaad, hij maakte weleens wat moois, maar zo mooi? Het was de dorpelingen nooit echt opgevallen. Wel dat het goed was en eigenlijk altijd precies naar hun wens, al wilden ze dat meestal niet toegeven. Daarnaast was het hun gewoon. Ook dat het voor de kwaliteit die hij leverde heel goedkoop was. Het liefst, schijnt hij ooit eens gezegd te hebben, geef ik het jullie cadeau, maar de bakker vraagt ook geld voor zijn brood en de boeren op het land zijn ook al niet erg gul met hun groenten en melk. Jammer, had hij gezegd, maar goedkoop was hij gebleven.
Bovendien reageerde de houtsnijder zelf heel koeltjes en bleef hij gewoon zichzelf. Gewoon hetzelfde, zoals hij nooit veranderde. En op een goede dag, heel vroeg in de morgen, toen iedereen nog sliep, heeft hij wat gereedschap en iets te eten in een knapzak gedaan, de deur achter zich dicht getrokken en is hij zonder toeters of bellen richting de hofstad vertrokken.
Tegen de avond kwam hij aan, werd niet herkend, maar toch toegelaten toen hij de vrijgeleide, die de koning hem had toegestuurd, aan de wachters had laten zien. In het kasteel zelf, in een majestueuze kamer, mocht hij blijven slapen, en de volgende morgen werd hij bij de koning ontboden.
'Beste, man,' begon de koning, 'jouw houtsnijwerk is mij opgevallen en ik vond het mooi. Daar ik een beeld van mijzelf wil laten maken, waarmee ik het volk op koningendag wil laten zien wat voor een goede en knappe koning ze hebben, en omdat ik denk dat jij de gave hebt om dat naar mijn zin te doen, wil ik je vragen of jij zo'n beeld van mij zou willen maken.'
De houtsnijder glimlachte. Zo'n goede koning is hij helemaal niet, dacht hij, zich de vele armoede herinnerend die hij in zijn lange leven in het land had gezien en de opstanden die de laatste tijd in enkele uithoeken van het koninkrijk waren uitgebroken. En knap was hij ook al niet met die kalende kop en dat papperige gezicht. Maar de houtsnijder glimlachte opnieuw, maakte een buiging en zei op een nederige, maar toch oprechte toon:
'Dat lijkt mij een grote eer.'
En zo geschiedde. De daarop volgende dagen, weken die maanden werden, werkte de houtsnijder aan dat wat zijn mooiste houtsnijwerk tot dan toe zou worden. Hij werkte er niet continu aan. Dat lag niet in zijn aard. Soms nam hij gewoon een dagje vrij en genoot hij van het luxe leven op het kasteel. Dan was de koning meestal niet te pruimen, want hij wilde, zoals hij was gewend, snel resultaat. Tegelijk zag hij in dat hij dat van deze kunstenaar niet kon verwachten. Daarvoor was hij te vrij. Elk moment zou hij zijn weinige spulletjes weer kunnen inpakken en naar huis gaan, wat de koning kost wat kost wilde voorkomen - het resultaat tot nu toe beloofde veel goeds. Toch begon de koning langzaam zijn geduld te verliezen. Koningendag naderde.
En vlak voor koningendag werd het de koning te veel. Al enige dagen had hij de houtsnijder niet zien werken en het beeld was hem zelfs aan zijn ogen onttrokken. Stampvoetend zwalkte hij door het kasteel, want hij wilde zich niet zonder beeld aan het volk tonen. Durfde dat zelfs niet eens. Tot hij plots in een donkere hoek van de gang, waaraan de kamer van de houtsnijder was gelegen, een gigantische figuur zag staan. Voorzichtig naderde hij de reus, maar halverwege bleef hij als aan de grond genageld staan. Hij schrok zich te pletter en slaakte een kreet. Hij keek recht in zijn eigen gezicht, alsof hij in een driedimensionale spiegel keek. Snakkend naar adem viel hij uit eerbied voor wat hij zag op zijn knien en grote tranen biggelden over zijn wangen. Het was prachtig, overweldigend en precies wat hij er van had voorgesteld. Achter hem werd er een deur geopend, maar hij merkte het niet. Het was de houtsnijder en hij glimlachte. En wie zou dat niet, als je een koning ziet knielen voor zijn eigen standbeeld?
De koningendag van dat jaar werd de succesvolste uit de geschiedenis van het land en er zou nog lang over nagepraat worden. Iedereen was meer dan anders gelukkig die dag: het volk dat, nu ze eindelijk een keer trots konden zijn op hun koning, hun opstanden beindigde, zijn gezag voelde als nooit te voren en weer hoop kreeg voor de toekomst; en de koning zelf die, toen hij zijn volk zag glimlachen bij het zien van hem en zijn beeld, teruglachte en als je goed naar hem keek, eigenlijk best veel op zijn evenbeeld leek. Als hij maar zijn best zou doen wist je, dan zou hij waar kunnen maken wat de houtsnijder met dit beeld had geprobeerd de mensen te laten zien: dat de koning diep in zijn hart een wijze en liefhebbende vorst was.
Iedereen was meer dan gelukkig, behalve de houtsnijder zelf. Niet dat hij ongelukkig was. Nooit was de houtsnijder ongelukkig, maar daartegenover ook nooit echt gelukkig. Hij droeg als ieder ander zijn kruis. Alleen was er n duidelijk verschil. Hij had er als n van de weinigen mee leren leven. Maar aan de andere kant had hij dat ook wel gemoeten.
Zijn gedachten dwaalde af naar de koning. Waarschijnlijk zou hij hem in vaste dienst willen nemen. Dan zou hij moeten leven op het kasteel. Dan zou hij beroemd worden en dan zou wat hij heel zijn leven had weten te verbergen niet langer meer te verbergen zijn.
Vroeger in zijn dorp had hij het gemakkelijk kunnen verbergen. De mensen daar waren simpele, eenvoudige mensen. Ze gaven hem een voldaan gevoel, hoe moeilijk hij het ook vond hen ouder te zien worden, ziek en uiteindelijk dood te zien gaan, terwijl hij zelf...
Daar kon hij nu dus ook niet meer wonen. Beroemdheid is een ziekte die zich snel verspreid, zelfs tot in de kleinste gehuchten. Hij hoefde er eigenlijk niet eens over na te denken. Daar naar terug gaan was onmogelijk, dat had hij al geweten toen hij naar de koning was afgereisd, maar er blijven echter ook en nog voor het eind van koningendag is hij vertrokken.
Lang nadien heeft de koning nog naar hem gezocht. Heel zijn verdere leven - waarin hij zijn volk als een goede vorst heeft gediend - tot aan zijn dood, heeft hij naar hem gezocht, maar gevonden heeft hij hem niet.
Het door de houtsnijder vervaardigde beeld, dat later die dag vlak voor het koninklijk kasteel in de hoofdstad is geplaatst, staat er nog steeds. Het kasteel is ondertussen vervallen en verdwenen, zelfs de herinneringen aan de koning die er ooit in woonde, de man naar wiens gelijkenis dat beeld is gemaakt, zijn vervaagd. Maar het beeld staat er nog steeds, als een eeuwen oude boom.
En in het oude dorp van de houtsnijder hebben ze, ter ere en herinnering aan hem, zijn werkplaats opengehouden: opengehouden voor elke houtsnijder die daar maar wil werken; opengehouden voor iedereen die wat gesneden wil hebben uit hout; opengehouden voor iedereen die houdt van wonderbaarlijke verhalen en het moment niet wil missen dat hij terugkomt. Want, zo gaat het verhaal, eens komt hij terug. Eens als het gewoon is dat mensen zo lang zullen leven dat je hun leeftijd niet meer weet, het lijkt alsof ze niet kunnen sterven en ze kunnen accepteren dat deze houtsnijder toen al zo was. Tot dan zwerft hij rond over de hele wereld in steeds wisselende gedaanten, achtervolgd door een spoor van de meest prachtige houtsnijwerken, waar hij tot op de dag van vandaag nog vele mensen meer dan gelukkig mee maakt.
Reactie insturen
Graag eerst...

Inloggen of Registreren
re: De houtsnijder
Reactie gegeven door coolburnvisible - 10:56 08-06-2011 Stuur e-mail Profiel bekijken van voet
Volgens dit sprookje mogelijk zelfs zijn lichaam. Aan de lezer om daar definitief over te oordelen. Bedankt voor je fijne reactie.

re: De houtsnijder
Reactie gegeven door Marion Spronk - 08:38 08-06-2011 Stuur e-mail Profiel bekijken van voet
De ziel van de houtsnijder is eeuwig. Ik hou van dit soort sprookjes.


De gedichten die ingezonden zijn op de website van de lettertempel en e.v.t. toekomst projecten die gekoppeld zijn aan de lettertempel blijven ten alle tijden eigendom van de feitelijke auteur van het gedicht. Zonder toestemming van de feitelijk auteur mogen de gedichten niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen op deze site en indien hier toestemming voor gegeven is door de feitelijke auteur het uitgeven van de gedichten door lettertempel zelf. Mocht er sprake zijn van misbruik van de content en de gedichten die gepubliceerd zijn op deze site door wat dan ook dan zullen er hoe dan ook (in samenspraak met de auteur) stappen worden ondernomen.
2006-2017 © Bizway - BTW nr. NL821748014.B01 - KvK 28086287